Types Implantaten
Een implantaat kan na de operatie door het tandvlees heen steken, wat een 1-fase inheling wordt genoemd of volledig door het tandvlees bedekt zijn, wat een 2-fase inheling wordt genoemd.

Bij een 1-fase inheling hoeft het tandvlees niet nogmaals opengemaakt te worden en kan na inhelingsfase direct een afdruk genomen worden van het implantaat.
Bij een 2-fase inheling wordt na het maken van een klein sneetje het implantaat opgezocht en daarop een ‘kapje’ (healing abutment) geschroefd dat boven het tandvlees uitsteekt. Deze tweede operatie is vaak een kleine ingreep, welke weinig nabezwaren geeft.
De keuze van een 1-fase of 2 fase inheling is mede afhankelijk van het gebruikte implantaatsysteem. Ook andere omstandigheden, zoals bijvoorbeeld na een botherstel operatie of een implantaat in een cosmetisch gebied, kunnen redenen zijn om voor een 2-fase inheling te kiezen. Welke aanpak voor uw specifieke situatie de beste is, zal uw behandelaar met u overleggen.
De nabezwaren van de implantaatoperatie kunnen van persoon tot persoon wisselend zijn. Het plaatsen van een implantaat in een gebied met voldoende bot en tandvlees zal over het algemeen niet veel klachten veroorzaken, uitgebreidere ingrepen zouden enkele dagen klachten kunnen geven. Bot zelf bevat geen zenuwen en is dus niet gevoelig voor pijn, de mogelijke pijn is dus afkomstig van het omgevende tandvlees. De voorgeschreven pijnstillers helpen de pijn te bestrijden. Meestal wordt ook preventief een antibioticum toegediend om infecties tegen te gaan.
Er wordt steeds aangeraden de pijnstillers een 3-tal dagen in te nemen, ook al ondervindt u weinig hinder. Mochten de implantaten onder een kunstgebit zijn geplaatst dan kan het tandvlees 1 tot 2 weken gevoelig zijn. Het is dan ook aan te raden om in die periode zacht voedsel te eten en het kunstgebit alleen te dragen als het noodzakelijk is.
De inhelingsfase
Het bot heeft een bepaalde tijd nodig om tegen het oppervlak van het implantaat aan te groeien, waardoor deze voldoende vast zal gaan zitten zodat er een bijv. een kroon of een drukknopje voor een kunstgebit opgezet kan worden. De meest gebruikte inhelingstijd bedraagt voor de onderkaak drie maanden en voor de bovenkaak zes maanden. Tegenwoordig o.a. door verbetering van de implantaatoppervlakken propageren enkele systemen inhelingstijden (in ideale omstandigheden!!!) van acht tot twaalf weken. Zelfs het direct belasten van het implantaat wordt tegenwoordig gedaan. Dit is voornamelijk mogelijk bij de behandeling met computergestuurd implanteren.



